17
Aug
2016

Algemene voorwaarden in het internationale handelsverkeer

Onlangs heeft de rechtbank in Rotterdam zich uitgesproken over de van toepassing verklaring van algemene voorwaarden bij een conflict tussen een Nederlandse en een Duitse onderneming.

De Nederlandse onderneming zou een machine, een zogenaamde Rollforming Installation, maken op basis van een door de Duitse onderneming te sturen ontwerpinstructie en deze bij de Duitse onderneming in de fabriek installeren, waarbij ze uiteindelijk in conflict raken. Er is tijdens de onderhandelingen onder meer via e-mail gecommuniceerd, waarbij in de offertes van de Nederlandse onderneming wordt verwezen naar de Metaalunie Verkoopvoorwaarden. Deze voorwaarden zijn echter, anders dan in de offertes stond vermeld, niet bij de offertes gevoegd of op een ander moment verschaft aan de Duitse onderneming. De Duitse onderneming stelt dan ook, dat deze voorwaarden niet van toepassing zijn.

Nadat de Nederlandse rechter tot de conclusie komt dat hij bevoegd is om over deze zaak te beoordelen, stelt hij vast dat, gezien het om een Nederlandse en Duitse partij gaat, het Verdrag der Verenigde Naties inzake internationale koopovereenkomst (CISG) van toepassing is, waarbij het Nederlandse recht aanvullend van toepassing is. Binnen het kader van het CISG wordt er van uitgegaan, dat “algemene voorwaarden deel uitmaken van de overeenkomst als partijen ten tijde van het sluiten van de overeenkomst uitdrukkelijk of stilzwijgend met het incorporeren van die voorwaarden in de overeenkomst hebben ingestemd én de wederpartij van de gebruiker van die voorwaarden een redelijke gelegenheid heeft gehad van die voorwaarden kennis te nemen.”

De rechter stelt dat, omdat er onder meer via e-mail is onderhandeld en gecontracteerd, dat de Duitse onderneming de website van de Nederlandse onderneming had moeten kunnen vinden. In alle offertes en e-mails werd steeds verwezen naar de website, waar de Metaalunie Verkoopvoorwaarden te vinden waren. Tevens stelt de rechter dat, omdat in de offertes stond dat de algemene voorwaarden bij de offertes zouden moeten zitten, maar dit niet zo was, de Duitse onderneming alsnog deze voorwaarden had kunnen opvragen. De rechter concludeert dat de Nederlandse onderneming moet bewijzen, dat ten tijde van de contractsluiting de Metaalunie Verkoopvoorwaarden op de website waren in te zien en te downloaden.

Wat nog een belangrijk aandachtspunt is dat de rechter heel terecht opmerkt, dat Afdeling 3 van Titel 5 van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek (welke gaat over Algemene Voorwaarden) niet van toepassing is op de onderhavige internationale overeenkomst, zie ook artikel 6:247 lid 2 BW.

Uiteraard was het verstandig geweest om de algemene voorwaarden wel gewoon mee te sturen bij de offertes, om alleen al bovenstaande discussie te voorkomen. Maar het is wel goed om te beseffen, dat de toepassing verklaring van algemene voorwaarden in het internationale handelsverkeer enigszins anders kunnen liggen, dan bij het binnenlandse handelsverkeer. Wilt u meer weten over dit onderwerp, neem dan contact met ons op.